Het gevoel van Organon

Blogs

02-10-2010  Stilte?

Na een paar weken vakantie was ik benieuwd naar de stand van zaken rondom Organon. In de media was weinig te vinden. Niet verwonderlijk, want de onderhandelingen tussen de OR en het bedrijf vindt in stilte plaats. Sinds op 2 september deze onderhandelingen zijn begonnen wordt er gezocht naar een oplossing om te voorkomen dat de R&D geheel uit Oss verdwijnt. Daar kunnen diverse richtingen in gezocht worden. Het meest plezierige zou zijn dat Organon overgenomen wordt door een ander bedrijf dat wel toekomst ziet in de R&D en niet al te veel zoekt naar winstmaximalisering, zoals Merck & Co dat wel doet. Merck & Co twijfelt niet aan de kwaliteit van Organon, maar wil er meer winst mee maken. Daarmee verloochent het bedrijf eigenlijk haar uitgangspunt dat je eerst medicijnen maakt om mensen te helpen en dat winst op de tweede plaats komt. Wat het bedrijf ook roept, geld blijft in alles het belangrijkst.

Een dergelijk overname lijkt nog onwaarschijnlijk. Als daar sprake van is, dan moet dat eind oktober bekend zijn. Een bedrijf dat Organon zou willen overnemen zal namelijk goed moeten weten wat ze overneemt en dat kost zo een paar maanden. Aangezien Merck & Co heeft aangegeven dat op 31 december meer bekend moet zijn, is er dus niet zo veel tijd.

Ondertussen is ook Minister Van der Hoeven bij CEO Clark van Merck & Co op bezoek geweest. Ze kreeg te horen dat Merck & Co goed op de hoogte is van de situatie in Nederland en ook bereid is te zoeken naar een oplossing in de bijvoorbeeld de vorm van een Science Park. Wat ik nergens las is de reden was waarom Oss geen toekomst heeft. Want dat is de vraag waarop wel eens antwoord gegeven kan worden. Organon maakt al jaren winst, maar in de ogen de Amerikanen blijkbaar niet genoeg. En blijkbaar leren de Amerikanen slecht van het recente verleden. Het streven naar grote winst op korte termijn levert geen garantie op voor de lange termijn. Dat is ook de reden dat de grote farmaceutische bedrijven (veelal Amerikaans) een aantal jaren geleden massaal de markt op gingen om kleinere farmaceutische bedrijven op te kopen. Waarom? Het meest voor de hand liggende reden is dat deze kleinere bedrijven een beter gevulde pijplijn hadden en vaak op aandachtsgebieden hadden die op minder logische gebieden hadden. Dat levert wel minder winst op, maar zorgt wel voor meer variatie en daarmee continuïteit. De Amerikaanse bedrijven zijn veelal gericht op welvaartsziekten (haarziekten, kanker, cholesterol e.d.). Die markt is natuurlijk op een bepaald moment verzadigd. Als je dan geen nieuwe producten hebt, dan verlopen je patenten en daarmee ook je inkomsten.

Ondertussen heeft ook Abbott aangegeven het onderzoekslaboratorium van Solvay in Weesp te sluiten. Dit riep weer de discussie op wat de farmaceutische industrie Nederland nog voorstelt. Het antwoord is simpel: heel weinig. Dat had anders kunnen zijn als de overheid eerder had geluisterd. Maar het is niet anders.

Er wordt dus nu vooral ingezet op een Science park. Dat zou breder kunnen en moeten zijn dan farmacie alleen. Zelf zie ik daar weinig heil in. De vraag is namelijk voor wie die bedrijfjes dan moeten gaan werken en wie de afnemers zullen zijn. Zijn dat wederom die Amerikaanse bedrijven? Dan blijf je dus afhankelijk van het buitenland en dat is op voorhand een zwakke positie. Overigens is niet alleen in de farmacie dit probleem gaande. Ik sprak met een aantal medewerkers van andere bedrijven die te maken hadden met de Amerikaanse werkwijze. Hun reactie was veelal het zelfde: liever niet mee samenwerken, de ervaringen waren negatief. Er zullen ook best wel positieve samenwerkingen zijn, maar ik ben ze nog niet tegengekomen.

Het zou dan ook mooi zijn als je van je eigen kracht kan uitgaan. Maar Nederland laat zich daarin vaak de kaas van de boterham eten. Dat gebeurt in stilte, maar het gebeurt wel.


bron:  Het gevoel van Organon | Auteur: Alfred Heeroma
Dit bericht is 1741 maal bekeken


Nog in te vullen