Het gevoel van Organon

Blogs

05-02-2011  Trots op je bedrijf

Deze week was ik bij een bijeenkomst over branding, oftewel hoe zet je een merk of product in de markt. De opdracht is simpel: 'wat zou je op een bord schrijven om het merk aan te prijzen, waarbij de inhoud de tekst wel dekt'. Dat klinkt simpel, maar is nog veel lastiger dan je denkt. Je moet eerst weten wat het merk in zich heeft, op welke mensen je je richt, wat de toekomstverwachtingen zijn en welke beren er op de weg kunnen komen. Zo liet de NS voor de winter weten ze er klaar voor waren en toen het echt winter werd, konden ze het niet waar maken. Een slechte vorm van branding dus.

Wie aan Philips denkt, denkt aan elektronica. Toch wilde Philips een ander beeld en dat werd 'sense and simplicity'. Gevoel en eenvoud. Het lijkt er op dat de producten die ze maken daaraan voldoen en daarmee is het dus een goede branding.

Natuurlijk speelt reclame een belangrijke rol om die branding te realiseren. Voor de farmaceutische industrie in Europa zowaar niet gemakkelijk, want adverteren voor receptplichtige medicijnen mag niet, in tegenstelling tot VS. Dan zul je dus het merk anders op de markt moeten zetten. In weemoed terugdenkend aan de tijd dat Organon nog Organon was, hoefde je maar te zeggen dat je daar werkte en je kreeg steevast te horen dat we 'De Pil' maakten. Dat we ook meer deden doet er eigenlijk niet toe, Organon had een bepaald imago en daar kon je als medewerker trots op zijn.

Die tijden zijn vervlogen. Als ik nu zeg dat ik voor Organon werk, krijg ik steevast de vraag 'wordt je dan ook ontslagen'. Niet iets om trots op te zijn. Het wordt hoog tijd dat MSD (eigenaar Organon) eens energie gaat steken in het merk. Het maakt me niet uit of dat MSD is of Organon, maar ik wil weer werken voor een bedrijf waar ik trots op kan zijn. Merck & Co (zoals MSD in de VS heet) heeft als branding ‘Improving health, Improving lives’. Op zich een goed streven, maar hoe merken we dat? En werkt dat ook in Europa? En hoe doe je dat? Een boodschap moet wel aankomen en ook waar worden gemaakt. Dat gevoel ontbreekt volgens mij nog. Ze willen innovatief zijn, maar doe je dat door in Europa massaal de innovatie weg te halen?

De vraag is natuurlijk of er iets is om trots op te zijn? Natuurlijk, want wat de media ook schrijven Organon is nog steeds een vooruitstrevend bedrijf en dat geldt ook voor MSD. Zo is het laboratorium voor (micro)biologisch onderzoek in Oss een voortrekker in de wereld op het gebied van nieuwe technieken. Niet alleen kunnen resultaten sneller worden geproduceerd, maar ook wordt er al jaren gewerkt aan de reductie van dierproeven. Ook is Organon het bedrijf geweest dat als eerste ging werken met medicijnen die in kunststof werden verwerkt, waardoor langdurig gebruik mogelijk was en bovendien met minder bijwerkingen (denk aan Implanon®, Nuvaring®). De MSD vestiging in Haarlem is al jaren bezig met het bestrijden van Rivierblindheid. En zo zijn er nog wel meer zaken waar we trots op kunnen zijn.

Maar onze bazen spelen daar veel te weinig op in. Die zorgen voor onnodig lange onrust onder het personeel en dreigend ontslag. Een slechte vorm van branding. Voor een goed merk zijn niet alleen fysieke elementen van belang, maar ook de menselijke kanten. Zowel van de gebruiker als van de producent. Nu overheerst het gevoel te werken voor aandeelhouders, niet iets om trots op te zijn. Het wordt tijd dat het hoger management ons weer eens een bedrijf teruggeven waar we trots op kunnen zijn, niet alleen binnen de poorten, maar ook daarbuiten.


bron:  Het gevoel van Organon | Auteur: Alfred Heeroma
Dit bericht is 2136 maal bekeken


Nog in te vullen