Het gevoel van Organon

Nieuws

25-09-2010  Slag voor farma geen doodsklap

De aangekondigde sluiting van de onderzoekslaboratoria van Organon in Oss en Solvay in Weesp is eeuwig zonde, maar niet het einde van het Nederlandse farmaonderzoek. Nieuwe biotechbedrijven van Nederlandse bodem doen het opvallend goed, zeggen kenners van de sector. "Het sluiten van de onderzoekslaboratoria van Organon en Solvay is natuurlijk een grote klap voor de sector en zeker voor de 2500 mensen die door de reorganisaties hun baan verliezen. Maar het gaat veel te ver om te zeggen dat er van de Nederlandse farmaciesector niets overblijft", zegt Jorg Janssen, hoofd strategie bij het Topinstituut Pharma. Zo heeft Nederland nog steeds een grote reputatie als testcircuit voor nieuwe medicijnen vanwege het redelijk unieke stelsel met universitaire medische centra. "Zo'n hechte band tussen wetenschap en ziekenhuis vind je in de meeste landen niet en is een van de zaken die Nederland zeer geschikt maken voor dit soort onderzoek", zegt Janssen.

Maar ook het ontwikkelen van heel nieuwe geneesmiddelen en slimmere toedieningsmethoden is nog lang niet van de Nederlandse bodem verdwenen. Terwijl 's lands grootste private farmaceutische onderzoekers ten onder gaan in het geweld van de consolidatieslag van de wereldwijde farmareuzen, maken sommige jonge innovatieve bedrijven van Hollandse bodem een stormachtige groei door. Zij profiteren van de trend dat de grote jongens steeds meer onderzoek door derden laten uitvoeren of technologie inkopen in plaats van dat ze die zelf ontwikkelen, weet Jan Wisse van de Nederlandse Biotechnologie Associatie (Niaba). "Eind 2008 waren 300 tot 400 bedrijven actief, waarvan ongeveer 85% tot het midden- en kleinbedrijf behoorde", zegt hij. Het kennisniveau en onderzoek van Nederlandse wetenschappers behoren op sommige gebieden tot de wereldtop, zegt Wisse. "Universiteiten worden er steeds beter in die excellente kennis om te zetten in patenten en naar de markt te brengen." Dat blijkt volgens Janssen uit een aantal grote recente transacties. "Van de tien grootste deals die Europese biotechbedrijven hebben gesloten sinds begin 2008, werden er vijf door Nederlandse bedrijven gesloten", zegt Janssen.

En dat het om serieus geld gaat, blijkt uit het bedrag dat deze vijf contracten kunnen opleveren als de biotechbedrijven erin slagen de belofte van hun vinding waar te maken: in totaal $2,3 miljard. De grootste Nederlandse deal was voor Prosensa, dat vorig jaar een contract tekende met GlaxoSmithKline (GSK) voor de ontwikkeling van een medicijn tegen de spierziekte Duchenne. Deze deal kan $680 miljoen opleveren. Het bedrijf waar enkele tientallen mensen werkzaam zijn, heeft twee kenmerken gemeen met de twee andere ondernemingen die in de Europese top tien van biotechdeals figureren: Crucell en Galapagos. Deze bedrijven komen allemaal uit Leiden en van geen van hen was voor 2000 ooit gehoord, al werd een voorloper van Crucell in 1993 opgericht.

Nederland kent enkele honderden biotechbedrijven als Prosensa, Crucell en zijn afsplitsing Galapagos. Volgens Wisse hebben diverse kandidaten de potentie net zo hard te groeien als Crucell, dat inmiddels meer dan 1200 medewerkers in dienst heeft en wereldmarktleider is in bepaalde typen vaccins. "Soms gaat het om zeer kleine bedrijfjes, maar ze kunnen snel groeien, zoals je bij Crucell hebt gezien, maar ook Octoplus en Galapagos groeien hard." Veelal zijn de biotechbedrijven voortgekomen uit universitaire onderzoeksgroepen en speciaal opgericht om een veelbelovende gepatenteerde technologie door te ontwikkelen totdat de technologie interessant wordt voor grote farmaceuten. Als dat stadium bereikt is, wordt vaak een samenwerkingsverband gesloten of wordt dit soort bedrijven overgenomen. Het laatste is ook aan de hand bij Crucell, dat vorige week een bod ontving van de farmagigant Johnson & Johnson, dat het bedrijf op € 2,13 miljard waardeert. Dat Crucell net als Organon en Solvay door de nieuwe eigenaar wordt gesloten, ligt minder voor de hand. Het ontwikkelen van vaccins, het specialisme van Crucell, is een nieuwe tak van sport voor het bedrijf, waarvan het zelf nog geen kaas heeft gegeten. Johnson & Johnson liet bij het bod dan ook weten dat het Leidse bedrijf een rol zou krijgen als het ’vaccincentrum’ van de farmagigant.

Dat een nieuwe generatie bedrijven kansen weet te grijpen, betekent niet echter dat Organon en Solvay niet gemist zullen worden. Beide bedrijven vervulden een belangrijke rol in de Nederlandse farmawetenschap, zegt Janssen. "Solvay en Organon waren nauw verweven met alle Nederlandse kennisinstellingen op dit gebied en ook waardevol als plek waar wetenschappers in opleiding praktijkervaring verwierven en professoren in deeltijd hun brood verdienden en kennis opdeden. Het is te vroeg om te speculeren op de gevolgen voor het klimaat, maar een klap is het zeker", zegt Janssen. Toch heeft hij de hoop op redding in Oss nog niet opgegeven. "Merck heeft laten weten dat het een zo goed mogelijke oplossing wil voor Organon", zegt hij. "En er is concrete belangstelling om het over te nemen. Ook van private partijen, ja."


bron:  De Telegraaf | Auteur: Wouter van Bergen
Dit bericht is 1588 maal bekeken


Interessante kennis

Merck & Co is de op n na grootste leverancier van medicijnen in wereld. Hun streven is om hun markt uit te breiden naar groeimarkten zoals China, India en Japan. Een uitdaging want de wereldbevolking neemt snel toe!