Het gevoel van Organon

Nieuws

01-04-2011  Sector medische life sciences moet 'topstatus' nu zelf gaan waarmaken

Het lijkt alsof de dreigende afbraak van Organon in Oss, Abbott in Weesp en het topinstituut Pharma, een zonnige keerzijde heeft. Door alle media-aandacht voor de eventuele koude sanering van de farmabedrijven en de door 'Den Haag' gebroken financieringsbelofte voor het Topinstituut Pharma (TI Pharma), is de sector 'medische life sciences' nadrukkelijk in de schijnwerpers gekomen. Peter Luijten van topinstituut CTMM, verwoordt de zeer grote zorg van de sector over het feit dat de overheid het financiële vloerkleed wegtrekt onder de drie publiek-private topinstituten. 'Er zijn grote stappen gezet met deze samenwerkingsverbanden. De initiatieven, die veel bewondering in het buitenland oogsten en die programmatisch steeds meer samenwerken, moeten vanwege hun potentie worden doorgezet, desnoods met andere financieringsvormen.'

Maar terwijl farma en medische biotech zijn genegeerd door het Innovatieplatform in de jaren Balkenende, heeft minister Verhagen van ELI de branche uitgeroepen tot een van de negen 'topsectoren'. Een kwartet van vier wijzen zal medio juni een 'sectoragenda' presenteren die aangeeft 'hoe het verder moet'. Maar die sectoragenda wordt een zware bevalling, zo leert een rondje langs enkele sleutelfiguren in de sector. Fragmentatie en hardnekkige verdeeldheid kenmerken de branche. De diversiteit aan spelers wordt nog eens versterkt door onvoldoende samenwerking, geen gezamenlijke strategie, versnipperd subsidiebeleid en meerdere biotech-'valleys' die elk voor de eigen agenda gaan.

Doordat de sector niet één vuist maakt, heeft de overheid vrij spel om haar beleid al na enkele jaren te veranderen en steeds meer geld weg te halen bij het fundamenteel onderzoek. Dat alles is dodelijk voor innovaties aangezien onderzoek en ontwikkeling in deze sector een horizon vereist van minimaal tien jaar. Door de lange en risicovolle weg van patent naar patiënt zonder ondersteuning van een langjarige consistente beleidsvisie en uitvoering, durven private investeerders zich niet voor een groot aantal jaren te committeren. Vandaar dat de meeste jonge biotechbedrijven bij hun medicijnontwikkeling worstelen met een tekort aan durfkapitaal over de lange termijn en niet zo ver raken dat ze zichzelf kunnen bedruipen.

De bedrijven die er wél in slagen een product of dienst naar de markt te brengen, stuiten niet zelden op een rigide houding bij overheid en verzekeraars om marktintroductie dan wel vergoeding toe te staan. Vandaar dat de sector klaagt over het gebrek aan 'valorisatie': de kunst om fundamenteel medicijnenonderzoek te vertalen in commerciële producten en diensten. Maar alle minpunten verbloemen toch een beetje dat de Nederlandse medische life sciences-sector ook veel moois herbergt. Het onderzoek van universiteiten en medische universitaire centra wordt wereldwijd erkend als topniveau. Andere sterke punten zijn de concentratie van onderzoeksfaciliteiten, het onderwijsniveau en de universitaire samenwerking.

En niet in de laatste plaats de dynamiek en het enthousiasme van vele biotechonderzoekers die steeds vaker kiezen voor het ondernemerschap. De sector kent momenteel liefst circa 300 startende bedrijfjes. Dat is een enorme verandering in de Nederlandse academische wereld waar ondernemerschap tot voor kort gold als 'not done'. Intussen klinkt in de sector dat 'hét instapmoment' is aangebroken door nieuwe kansen. Zo streven de farmaconcerns, bij gebrek aan eigen innovatiekracht, nadrukkelijk samenwerking na met vernieuwende biotechbedrijven. Deze spelers kunnen ook nog eens inspringen op de nichemarkten die ontstaan door de opkomst van medicijnen die op het individu zijn toegesneden.

De sector heeft de wind mee door de stijgende zorgvraag als gevolg van de vergrijzing. Preventie van ziekten en vroegdiagnostiek zullen wortel schieten, innovatie zal gezien worden als een waardevolle investering in 'health and wealth', zo voorspellen sectorkenners. Wat is in deze sector vereist om kansen niet alleen te zien, maar ook te grijpen? Ton Rijnders, directeur r&d bij Organon/MSD verwoordt wat alle spelers roepen: 'Eén agenda op basis van een gezamenlijk door het veld gedragen visie, gericht op de lange termijn, met ruimte voor de verschillende branches. Wellicht een lagere financiering voor de topinstituten, maar wel consistent en uitgesmeerd over een langere termijn. De overheid moet de veranderingen met de geldbuidel afdwingen.'

Hans Schikan, bestuursvoorzitter van farmabedrijf Prosensa, legt de nadruk op het versnellen van ontwikkeling: 'Onderzoek met de ondernemers de bureaucratie en kom met praktische oplossingen om de ontwikkeltijd en dus ook de kosten van een nieuw geneesmiddel belangrijk te drukken. Doe dat in Europees verband zodat we een voortrekkersrol kunnen spelen.' Michel Dutrée, voorzitter van branche-organisatie Nefarma: 'De brancheorganisaties zijn druk in de weer om tot meer samenwerking te komen.' Willem de Laat, directeur van TI Pharma en coördinator van het innovatieplatform Life Sciences & Health: 'Laten alle partijen over hun eigen schaduw heenstappen en de handen ineenslaan. Zodat er in gezamenlijkheid een echt cluster in elkaar gezet kan worden. Dat is de enige kans op succes.'

De sector medische life sciences heeft met medische technologie nog een aparte loot aan de stam waarmee het verschil kan worden gemaakt, zeker ten opzichte van het buitenland. Bij innovaties voor de gezondheidszorg speelt medische technologie in toenemende mate een belangrijke rol. Technologiebedrijven, biotechinstituten, softwareleveranciers en installatiebedrijven werken binnen dit gebied samen met zorginstellingen om de zorg beter, efficiënter en veiliger te maken.

Met Philips Healthcare als vaandeldrager gaat het om ruim 2000 bedrijven. Met een omzetgroei in 2009 van 6,6% is de medische technologie de snelst groeiende technologische branche. Nederland exporteert jaarlijks voor meer dan € 4 mrd aan medische technologie, maar het kan beter, zegt Hans Hofstraat van Philips Research. 'Om sneller in te spelen op uitdagingen in de zorg is meer samenwerking nodig tussen patiënt, consument, verzekeraar en publieke en private partners. Daarnaast moet de introductie van innovaties in de zorg worden versneld, vooral de vrijgave en vergoeding van nieuwe zorgoplossingen.' Een veelbelovende nieuwe ontwikkeling, aldus Hofstraat, doet zich voor op het snijvlak van medische technologie, biotech en farma. In dit vakgebied van 'convergente technologie' worden nieuwe benaderingen ontwikkeld voor gerichte en lokale toediening van nieuwe medicijnen of van nieuwe formuleringen van bestaande medicijnen. Een voorbeeld hiervan is de lokale en beeldgestuurde afgifte van medicijnen met behulp van gericht ultrageluid.


bron:  Financieel Dagblad | Auteur: Henk Engelenburg
Dit bericht is 1687 maal bekeken


Interessante kennis

Merck & Co is de op n na grootste leverancier van medicijnen in wereld. Hun streven is om hun markt uit te breiden naar groeimarkten zoals China, India en Japan. Een uitdaging want de wereldbevolking neemt snel toe!